Scherptedieptegebied en hyperfocale afstand

Scherptedieptegebied en hyperfocale afstand zijn interessant gegevens in de fotografie. In de praktijk wordt het door veel fotografen, voor zover ik dat kan overzien, echter nauwelijks (volledig) gebruikt.

Zoals ik in een eerder bericht meldde is de basistechniek van fotograferen niet moeilijk. In feite speel je met licht dat reflecteert van je onderwerp. Er is het principe van de juiste belichting. Die verkrijg je door, met een combinatie van sluitertijd en diafragma, de juiste hoeveelheid licht op de je sensor te laten vallen.

Techniek

Met die basiskennis kun je verder gaan. Zover als je wilt. Je kunt je verdiepen in optica en de leer van de lenzen (objectieven). Je kunt wat met analoge fotografie gaan doen en je bezig gaan houden met de scheikunde van zilverbeeld en fixeerbaden.

Het leukste is natuurlijk met de basiskennis aan de slag te gaan. Je eigen foto’s beoordelen en je inzicht in compositie en belichting verbeteren. Kleine dingen kunnen daarbij al van grote betekenis zijn.

Hyperfocale afstand

Hyperfocale afstand is zo’n klein, maar niet te onderschatten, ding. Een definitie is: hyperfocale afstand is de afstand ten opzichte van de camera waarachter alle onderwerpen een aanvaardbare scherpte vertonen. Helemaal volledig en duidelijk vind ik hem niet.

Anders uitgelegd betekent het, wanneer je het scherpte instelpunt zet op de de hyperfocale afstand is alles vanaf de helft van de hyperfocale afstand tot oneindig aanvaardbaar scherp.

Oneindig

In veel artikelen over hyperfocale afstand wordt de nadruk gelegd op oneindige scherpte. Als voorbeeld wordt meestal landschapsfotografie genoemd.

Maar bij food-fotografie en portretten kun je het ook gebruiken. Wellicht niet als je standaardfoto wilt maken, maar wel als het een creatieve mag zijn. Je speelt dan met hyperfocale afstand en scherptedieptegebied.

Scherptediepte

Scherptediepte is de afstand tussen het dichtstbijzijnde scherp afgebeelde punt en het verst gelegen nog scherpe punt. Het eerste getal afgetrokken van het laatste getal geeft het scherptedieptegebied, ook wel scherptediepteomvang genoemd.

Scherptedieptegebied

Door inzicht in hyperfocale afstand zie je dat je het scherptepunt niet altijd moet leggen op het onderwerp, maar bijvoorbeeld erachter. Bij landschapsfotografie krijgt dan meer van de voorgrond en het gebied achter het onderwerp scherpte, als je dat wilt.

Bij scherptedieptegebied vergeet je oneindigheid. Afhankelijk van de foto die je wilt maken leg je de scherpte voor of achter het onderwerp.

Bij tabletop fotografie, voedselfotografie en dergelijke kun je zelfs gebruik maken van een liniaal of meetlint. Op je camera is niet voor niets bovenop aangegeven waar de sensor zich in de camera bevindt.

Portret

Een eenvoudig praktijkvoorbeeld. Bij veel portretten wordt scherp gesteld op de neus, vaak zelfs het puntje van de neus. Dat betekent, gelet op het scherptedieptegebied, dat een deel van de scherptediepte in een lege ruimte valt tussen onderwerp en camera.

Leg je het scherpte instelpunt echter op de neusbrug, afhankelijk natuurlijk van het gebruikte objectief en het ingestelde diafragma, dan zijn het puntje van de neus en de ogen scherp.

Voorbeeld

Stel een fullframe camera met 135 mm lens en ingesteld op 11. Stel je scherp op een punt 5 meter voor je, dan begint je aanvaardbare scherpte op 4,6 meter en eindigt de scherpte op 5,5 meter. Het scherptedieptegebied is 0,9 meter (5,5-4,6). Kun je echter, vanwege beperkt licht, niet met een hoog diafragma werken, dan loopt het scherptedieptegebied snel terug. Bij diagragma 2 in dezelfde situatie heb je nog slecht een scherpteomvang van 16 centimenter.

Stilleven

Stel je wilt een stilleven fotograferen op een tableau van 1 vierkante meter. Het tableau staat op een staander met het middelpunt op 5 meter afstand. Dan stel je in dat geval niet scherp op het voorste object op 4,6 meter. Want dan heb je ook scherpgesteld op de lege ruimte daarvoor (tussen object en camera). Bovendien is je scherptedieptegebied kleiner geworden. Je stelt scherp op 5 meter, waardoor het van voor tot achter scherp is.

Moet je met een laag diaframa werken, bijvoorbeeld 2, dan kun je of een andere lens nemen (bijv een 70 mm) of meer afstand nemen. Echter in de situatie van het voorbeeld moet je scherptepunt op 12 meter liggen om dezelfde 0,9 meter scherptedieptegebied te hebben.

Theorie en praktijk

Vanzelfsprekend is dit voorbeeld de theorie. In de praktijk gaat het erom wat je als fotograaf mooi vindt. Scherpstellen in lege ruimte is echter zonde, dus gebruik de scherptedieptegebied.

Scherptediepte calculator

Scherptediepteafstand en hyperfocale afstand worden bepaald door brandpunt van het objectie en het diafragma. Van belang is ook het type sensor in verband met de cropfactor.

Hieronder heb ik een scherptediepte calculator opgenomen. Als je er wat mee experimenteert kun je zien hoe je met het scherptedieptegebied en de hyperfocale afstand kunt spelen om het scherptegebied te vergroten. Afhankelijk van het onderwerp zal je dan wellicht geen scherpte meer leggen in een ruimte waarin zich niets bevindt.

Print deze pagina
Bovenstaand bericht is geschreven op 23 augustus 2017 door in de categorie 2017, Algemeen

Een willekeurig bericht

Ik schrijf op deze site over allerlei onderwerpen. Soms is het heel persoonlijk, soms vooral informatief of beschouwend. Hieronder een willekeurig bericht uit ruim 2000 berichten.

Comments are closed.