Klik hier om af te drukken.


Ik ben geen bakker

Jaren geleden zat ik met mijn ouders op een verjaardagsfeestje. Ik was begin twintig. Op een gegeven moment hoorde ik mijn moeder tegen een vrouw naast haar zeggen:’Ik weet niet precies wat hij doet’. Er klonk verontschuldiging in haar stem.

Later begreep ik dat ouders graag duidelijkheid willen over deze zaken van hun kinderen. Zeker in de sociale omgeving van een feestje of een toevallige ontmoeting even een etiket kunnen opplakken als ‘mijn zoon is bakker’.

Bakker

Ik maakte films, schreef voor computerbladen, was een reclamebureau begonnen, deed marktonderzoek voor enkele grote bedrijven en zat vol ideeën. Natuurlijk vertelde ik mijn ouders waar ik, op het moment dat ik ze zag, mee bezig was. Als ik zou zeggen ‘ik heb vanmorgen een krentenbol gebakken’ en ‘ik heb een nieuw appelgebakje bedacht’ was er niets aan de hand, ik zou bakker zijn.

Maar als mij werd gevraagd waar ik mee bezig was zou ik moeten zeggen ‘ik doe voor Kluwer marktonderzoek naar de verkoopbaarheid van een serie nog te produceren post-academische videobanden voor huisartsen’, ‘ik maak voor DAF-Trucks een film over het ontwerpproces van vrachtwagens voor het werven van TU-studenten’, ‘kijk pa, een artikel dat ik schreef over het carpaal tunnel syndroom voor PCM, het grootste computerblad van Nederland‘.

En de week daarop ‘ik heb 10.000 van deze balletjes geïmporteerd uit Taiwan en ik ben aan het kijken aan wie ik ze kan verkopen, ‘ik bereid voor het Ministerie van Volksgezondheid een onderzoek voor naar alcoholgebruik op het werk’, ‘ik ben voor de NS een voorlichtingsfilm aan het maken voor het personeel dat werkt aan het spoor’ en ‘ik heb met een vriend de stichting ‘databank voor Heao’ers’ opgezet’.

Verscheidenheid

Mij maakte de verscheidenheid van mijn werkzaamheden niets uit. Ik deed het gewoon en hoefde mezelf geen etiket op te plakken. Maar voor mijn omgeving, niet alleen mijn ouders, was het blijkbaar een stuk lastiger.

Waren het mijn ouders, familie en vrienden die stopten met vragen of werd ik zelf minder uitbundig over mijn activiteiten. In ieder geval vertelde ik zelf steeds minder enthousiast over mijn ideeën en onderhanden werk. Mijn ouders gaf ik ter compensatie een boek dat ik had geschreven, een brochure die ik had gemaakt of ik belde ze als er een film die ik maakte werd uitgezonden op televisie.

Natuurlijk vond ik het vervelend als ik zag dat mijn omgeving meer wilde horen over mijn bezigheden. En zelf wilde ik eigenlijk ook wel meer vertellen. Als ik een verklaring zocht voor mijn verminderde enthousiasme om mijn dagelijkse beslommeringen te delen, dan was het vooral dat ik er maanden later nog over werd gevraagd. Goed bedoeld natuurlijk.

Lastig

Maar ook lastig en soms vervelend. Omdat ik al lang met andere dingen bezig was en me de details, waarmee ze me bevroegen, al niet eens meer kon herinneren. Soms ook omdat het project uiteindelijk niet was doorgegaan of door voortschrijdend inzicht een geheel andere invulling had gekregen of om welke reden dan ook.

Om welke reden dan ook, voor mijn ouders was het makkelijker geweest als ik bakker was geworden.

geschreven in 2004 na wederom onbegrip