Angst en angststoornissen

Angst, een veel voorkomende aandoening

Angst is een van de meest voorkomende medische aandoeningen. Toch weten we er heel weinig van. Het lukt de wetenschap slechts moeizaam te ontrafelen wat angst is. Persoonlijk vind ik vooral de paniekaanval, een plotselinge angst, bijzonder.

Plotselinge angst

Ik weet nog goed dat ik met mijn toenmalige vriendin in Oostenrijk was. We waren al vier keer van de besneeuwde helling naar beneden geskied. Voor de vijfde keer stonden we boven. Ineens begint mijn vriendin te trillen, ze grijpt naar haar hartstreek en valt achterover. Ik schrik enorm. Het zal toch niet, denk ik als ik over haar heen buig.

Gelukkig zie ik al snel dat ze niets mankeert. Ze lacht een beetje. Er komen twee mannen kijken wat er aan de hand is. ‘Ik weet niet wat er gebeurde’, vertelt ze. ‘Ik hoorde een lange hoge piep in mijn oren, mijn hart begon enorm te bonzen, mijn vingers tintelden en mijn benen werden zwak’.

Ze durfde niet meer naar beneden te skiën. Van het ene op het andere moment was er angst daar bovenaan de piste. Maar dat het angst was wisten we toen nog niet.

Naar de dokter

Terug in Nederland wilde ze niet naar de dokter. Tot hetzelfde haar in een warenhuis opnieuw overkwam. Ik was er niet bij. Ze vertelde dat ze weer een bonzend hart had. Er was een tinteling door haar lijf getrokken, ze transpireerde ineens hevig en haar ledematen voelden verzwakt. Dat laatste bleek lastig toen ze tegen een toonbank viel en haar enige zichtbare verwonding opliep.

We waren nu beide ongerust en gingen naar de huisarts. Die vertelde dat de beschrijving van de symptomen hem aan angst deden denken. Hij onderzocht mijn vriendin. Maar hij vond geen reden haar naar een specialist door te verwijzen. Mijn vriendin was het daarmee eens. Ze voelde dat het niet ernstig was, zei ze. Niet ernstig?

Paniekaanval

Mijn vriendin had een paniekaanval, een golf van angst die plotseling opkomt en enkele minuten aanhoudt. Het is een van de vele angststoornissen. De huisarts had nog enkele angststoornissen genoemd, zoals plein- en straatvrees. Maar hij hield het op een paniekaanval. We vonden het terugdenkend aan de situatie op de berg een aanvaardbare conclusie.

Het komt bij paniekaanvallen voor dat ze na een of twee keer vaker plaatsvinden. In dat geval ook doordat er iets bij is gekomen. Namelijk de angst of bangheid voor het weer krijgen van een aanval. Daar was mijn vriendin echter te nuchter en levenslustig voor.

Angst en de drie mogelijkheden

Lange tijd maakten artsen bij angst een onderscheid tussen drie mogelijkheden. De aanval van mijn vriendin was een ‘incident’. Het gebeurde. En in haar geval later nog een keer. Ze kon gewoon zonder verdere problemen verder met haar leven.

Behandeling kan bij angst echter ook nodig zijn. Die is dan vanzelfsprekend gericht op de specifieke angst, waarbij je vaak al van een stoornis kunt spreken. De behandeling bestaat uit medicijnen en/of psychische begeleiding. Als het goed is ben je na een tijdje van de angst af of kun je ermee omgaan. Er is echter ook een derde mogelijkheid, dat zich een chronische of permanente angst ontwikkeld.

Angst, nieuwe inzichten

Geleidelijk kijken wetenschappers echter anders naar angst. Het wordt niet langer beschouwd als een willekeurige aandoening, waarbij de nadruk ligt op de symptomen.

Ze bekijken angst nu met kennis uit meerdere invalshoeken. Daarbij kun je bijvoorbeeld denken aan voeding, erfelijkheid en hersenonderzoek. Maar ook aan de ervaringen die in het verleden zijn opgedaan bij mensen met angst.

Angst in de genen

Zit angst in de genen? Dat was een vraag die Jackson Thorp en enkele collega’s zich afvroegen. Thorp, die zich bezighoudt met psychiatrische erfelijkheidsleer, onderzocht het. Hij gebruikte een database met gen-informatie van honderdduizenden mensen. Die controleerde hij met de duizenden genen van het menselijk genoom, de verzameling van alle genen.

Het ging hem erom te ontdekken welke gen-veranderingen vaker voorkomen bij mensen met angststoornissen. Hij ontdekte dat 611 genen verband hebben met angst. En een groot deel van die genen ook met depressie.

Het onderzoek

Het onderzoek werd begin vorig jaar gepubliceerd. Er moet nog veel werk worden verzet om meer duidelijkheid te geven. En om er wellicht in de toekomst iets mee te kunnen doen bij angststoornissen.

Zo wil Thorp bijvoorbeeld kijken of er genen zijn die belangrijker zijn dan andere bij het ontwikkelen van angst. En sowieso is het interessant te weten hoe de genen het ontstaan van angstgevoelens bevorderen.

Iedereen risico op angststoornis

Met 911 genen die invloed hebben op angst is het vrijwel zeker dat iedereen risico loopt op een angststoornis. Maar een risico zegt niets over het daadwerkelijk krijgen. Wie ’s ochtends in de auto onderweg gaat naar zijn werk, loopt immers ook een risico. Toch komen de meeste mensen later weer zonder problemen thuis.

De kans dat je een angststoornis krijgt hangt samen met de samenstelling van de genen. Dat is een erfelijkheidskwestie. Zoals sommige mensen vanuit hun familie meer kans hebben een bepaalde kanker, diabetes of andere aandoening te krijgen.

Spijtige samenkomst van factoren

Naast genen spelen echter omgevingsfactoren vrijwel altijd een grotere rol. En dat is ook bij angststoornissen het geval. Je kunt dus van je familie genen meekrijgen die de kans op zo’n stoornis vergroten. Maar je levensstijl, situaties waarin je terecht komt en andere factoren dragen belangrijker bij.

Bij de vriendin op de berg in Oostenrijk zal het zo’n mix zijn geweest. Een beetje genen, direct na een stressvolle examenperiode op wintersport, de avond ervoor slecht geslapen na wat glühwein en dan op lange latten bovenop een berg naar beneden starend. Alleen vreemd dat het pas bij vlak voor de vijfde afdaling gebeurde …

Aanvullende informatie

  • De preprint van het onderzoek van Thorp ‘Symptom-level modelling unravels the shared genetic architecture of anxiety and depression’ uit 2020 (PDF - 2 MB). Het eindproduct is te koop bij Nature.
  • Drie Nederlandse standaardwerken over angst:
    • Brochure ‘Angststoornissen’ uit 2005 van het Trimbos Instituut (PDF - 360 KB).
    • De afspraak over angststoornissen in het kader van de Landelijke Eerstelijns Samenwerkings Afspraak uit 2008. Hoe huisartsen en eerstelijns psychologen kijken naar angststoornissen (PDF - 462 KB).
    • Een samenvatting van de standaard van het Nederlands Huisartsen Genootschap over Angst (PDF - 97 KB).
  • Zie ook het bericht ‘Angst, fobie en syndroom‘, ‘Anarchnofobie en andere bizarre fobieën‘  of de ‘Lijst met 550 bizarre fobieën‘.
Print deze pagina
Bovenstaand bericht is geschreven op 3 maart 2022 door in de categorie 2022, Algemeen

Vorige en volgende berichten

« Ouder: Nieuwer: »

Een willekeurig bericht

Ik schrijf op deze site over allerlei onderwerpen. Soms is het heel persoonlijk, soms vooral informatief of beschouwend. Hieronder een willekeurig bericht uit ruim 2000 berichten.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*

code