Arachnofobie en andere bizarre fobieën

Arachnofobie heb ik altijd een mooi woord gevonden. Toen ik het jaren geleden voor het eerst hoorde, dacht ik dat het iets te maken had met het Midden Oosten, Lawrence of Arabie, Omar Sharif en dergelijke. Dat het angst voor spinnen betekende had een teleurstelling kunnen zijn. Maar het had ook wel iets bijzonders. Arachnofobie, het is een raar, mooi woord. En dan die kriebelige beestjes.

Vorige week vroeg ik me ineens af of er niet meer van dat soort woorden zijn. En dan met name fobieën met van die vreemde voorvoegsels. Vreemd als je ze niet kunt herleiden naar hun oorsprong. Ik vond er een flink aantal. Verrassende, dat vind ik in ieder geval, zusters van de Arachno.

Bij sommige denk je, dat kan niet waar zijn. Dat heeft iemand bedacht bij een tiende biertje. Maar dan blijkt het toch een psycholoog te zijn van de zoveelste school die een verdergaand specialisme heeft ontdenkt om zijn nering… nou ja. Hieronder heb ik enkele bizarre fobieën verzameld en een lijst met 550 bizarre fobieën.

Deipnofobie

Deiphno is Grieks voor diner. Deipnofobie is dus angst voor dineren. Stel je voor, angst voor het avondmaal. Wellicht ingegeven dooreen te streng christelijke achtergrond en associaties met het laatste avondmaal. Maar het staat ook voor angst voor de conversaties bij een diner.

Het is iets van alle tijden. En het gaf ons de dineretiquette, van die regeltjes die Amy Groskamp ten Have in 1939 vastlegde in haar boek ‘hoe hoort het eigenlijk’. Regeltjes die diners voorspel- en hanteerbaar maakten en daarmee toegankelijk voor mensen met Deipnofobie of mensen met een klein beetje onzekerheid bij het spreken met enigszins onbekenden tijdens een diner.

Het doet met denken aan een anekdote over Churchill. Hij zat tijdens een diner naast een vrouw die uit ergernis op een gegeven moment tegen hem zei, ‘als ik met u getrouwd was zou ik gif in uw wijn doen’. Waarop Churchill zei, het is vooral ook een voorbeeld van ad rem reageren: ‘als u mijn vrouw was zou ik het opdrinken’.

Cathisofobie

Hier heb ik geen last van, is mijn eerste reactie. Ik vind het heerlijk om te lopen, te staan en te liggen, maar zitten vind ik ook heel prettig. Aan mijn bureau werkend, onderuit bij een film, of ontspannen met een boek. Ik moet er niet aan denken die dingen lopend, staand of liggend te doen.

Zitten is eenvoudig een goede uitvinding, waarschijnlijk bij toeval ver na de oerknal ontdekt. Zes miljoen jaar geleden, ver na de oerknal die miljarden jaren geleden plaatsvond, gingen mensen pas staan. Dat wordt beschouwd als het begin van de mensheid. De vraag is of ze daarvoor al eens zaten. Want zittende dieren ken ik niet.

Cathisofobie, het wordt ook wel met een K geschreven, is angst voor zitten. Mijn tweede reactie is dan ook ‘zitten, dat is toch ook opgesloten zijn in een gevangenis?’. Daar kan ik me de angst wel van voorstellen, helemaal als je onschuldig bent. Het is een realistische angst ‘onschuldig vast te zitten’. Cathiso is echter afgeleid van het Griekse ‘zitten’, zeg maar met gebogen knieën je billen op een vaste ondergrond rusten. Ik kan me niet voorstellen dat je daar angst voor kunt hebben of hoe zoiets ontstaat.

Automatonofobie

Toegegeven, het kan bizar overkomen; iemand steekt een arm in het achtereind van een pop en begint tegen de pop te praten. Als die man Jeff Dunham heet en diverse poppen op die manier behandelt, dan kan ik er bewondering voor hebben. Voor de dialogen die hij in feite met zichzelf heeft. Ik kan me ook bij deze fobie nauwelijks voorstellen dat er mensen zijn die daar angst voor heeft. Maar ze bestaan en ze heten automatonofoben, mensen die angst hebben voor buiksprekers en/of voor wassen beelden.

Pediofobie

Vlak bij de automatonofoben zitten de mensen met Pediofobie. Zij zijn bang voor poppen. Ja, ik zeg dat het er dichtbij ligt, want voor mij liggen alle fobieën dicht bij elkaar. Een psycholoog zal daar wellicht anders over denken. Maar die heeft er zijn vak van gemaakt. Of erger nog, want het verklaard veel, zijn broodwinning. Hij heeft er baat bij onderscheid te maken tussen de fobieën, als is het maar om menen dom te houden. Zoals er nu inmiddels ook twintig soorten autisme, ADHD en andere aandoeningen zijn met varianten.

Coulrofobie

En dan moet ik natuurlijk ook Coulrofobie snel noemen. Want ook mensen die bang zijn voor clowns liggen in op één lijn, vind ik, met zij die angstig zijn voor buiksprekers en poppen.

Ithyphallofobie

Een angst waar ik me ook helemaal niets bij kan voorstellen is Ithyphallofobie. Het wordt gedefinieerd als ‘een hardnekkige, abnormale en ongerechtvaardigde angst voor een penis in erectie’. Het blijkt dat velen zich jaarlijks leiden aan deze bizarre angst. Ik kan me voorstellen dat het voorkomt bij mannen en vrouwen. De therapie om ervan af te komen duurt lang, waarbij de patiënt herhaaldelijk wordt blootgesteld aan een ‘harde jongen’ om hen met hun angst te confronteren.

Het wordt ook wel Medorrthofobie genoemd of kortweg Phallofobie. In het laatste geval is Ithy eraf gehaald, het Griekse woord dat ‘staand’ betekent. Het kan zijn dat er nuance verschillen in zitten, want ik las dat één psycholoog het had over ‘angst voor een pijnlijke erectie’ en anderen gewoon over een erectie. Hoe dan ook, Ithyphallofobie heeft grote invloed op de kwaliteit van leven. Het veroorzaakt paniekaanvallen en tot verwijding leiden tussen geliefden en zakenpartners.

Gymnofobie

Angst voor naaktheid is ook een bijzondere. Ik kan me er wel iets bij voorstellen, maar niet als angst. Er zijn situaties denkbaar waar naaktheid vervelend kan zijn, ongepast, aanstootgevend, vernederend en dergelijke. Bij dat laatste denk ik aan de beelden van Afghanen in Guantanamo Bay of de Iraniërs die, om hun moreel te breken, naakt moeten rondlopen van Amerikaanse soldaten.

Ergasiofobie

Ergasiofobie, ook wel kortweg ergofobie, is een abnormale en aanhoudende angst voor werk of het vinden van werk. Vaak komt het in combinatie voor met een sociale fobie of een andere angst. Het kan gaan om angst voor daadwerkelijke uitvoering van arbeid, maar ook voor het omgaan met collega’s of faalangst bij bepaalde taken.

Eisoptrofobie

Niet even lekker naar jezelf kijken, naar je fysiek. Het zou een ramp zijn ijdele mannen en vrouwen die nog even willen kijken of hun haar goed zit, er geen tandpasta op hun wang is achtergebleven en dergelijke. Eisoptrofobie is angst voor spiegels. Ok, het gaat daarbij vooral over angst voor de spirituele wereld die zich mogelijk achter de spiegel bevindt. En het is daarmee een angst gebouwd op bijgeloof, met in het verlengde de angst voor gebroken glas en dergelijke.

Zelf heb ik altijd een beetje last van Eisoptrofobie na het kijken naar een horrorfilm. Als ik dan in de schemering naar de badkamer loop voel ik een lichte angst tintelen over mijn huid. Wat als ik zo dadelijk in de spiegel kijk en ik zie iemand achter me staan.

Pentherapfobie

Ok, weer even een leuke. Pentherafobie, ik ben benieuwd of het vaak voorkomt, is angst voor schoonmoeders. Als je de vele mopjes over schoonmoeders moet geloven leiden veel mannen aan deze angst. Er bestaat een therapie, maar het meest wordt gekozen voor de rigoureuze oplossing van scheiding. Omdat het een angst is zal het niet gericht zijn op de persoon van de schoonmoeder; hertrouwen heeft dus geen zin, want dan wordt je weer met een schoonmoeder geconfronteerd.

Dicht bij de pentherafoob staat de novercafoob. Dat is de man die angst heeft voor stiefmoeders.

Arachibutyrofobie

Nog eentje dan, want de lijst bizarre fobieën is lang. Arachibutyrofobie. Het woord lijkt op Arachnofobie, de angst waar ik mee begon hierboven. Arachibutyrofobie is echter veel en veel gekker, het is de angst dat er pindakaas aan je gehemelte blijft plakken. Ik heb er gelukkig geen last van, want ik eet graag een boterham met pindakaas. Een remedie lijkt me ‘geen pindakaas meer eten’, maar de angst blijkt vooral voor te komen bij jongetjes van rond de acht jaar. Zij krijgen een broodtrommeltje mee naar school en worden geleidelijk getraumatiseerd door hun angst. Op latere leeftijd kunnen ze hevig gaan transpireren en stuiptrekken alleen al bij de lucht van pindakaas. Hun mond wordt droog en jeukerig en met moeite kunnen de arachnofoben een paniekaanval onderdrukken’.

Bij veel fobieën vraag ik me af of er niet een overgevoelige geest of overactieve psycholoog aan de gang is geweest met veel fantasie. Shakespeare schreef echter al in één van zijn stukken ‘Er is meer tussen hemel en aarde dan uw geest kan bevatten’. Mogelijk dacht hij daarbij ook aan fobieën. Ik in ieder geval wel, helemaal na het zien van de bizarre fobieën in deze lijst met 550 bizarre fobieën voor de liefhebber; moet deze natuurlijk geen last hebben van listafobie.

Bovenstaand bericht is geschreven op 26 maart 2014 door in de categorie 2014, Algemeen

Vorige en volgende berichten

« Ouder: Nieuwer: »

Een willekeurig bericht

Ik schrijf op deze site over allerlei onderwerpen. Soms is het heel persoonlijk, soms vooral informatief of beschouwend. Hieronder een willekeurig bericht uit ruim 2000 berichten.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*

code