De Griekse tragedie

De brutomarge van mijn branche ligt tussen de 30 en 35%. Je kunt deze marges terugvinden in de kengetallen, die onder andere door banken en de belastingdienst worden gehanteerd. Bij sommige branches ligt het hoger, bij andere lager (bij supermarkten bijvoorbeeld 4,5%).

Van mijn omzet houdt ik, als ik het goed doe, dus gemiddeld 33% brutowinst over . Daarvan betaal ik mijn bedrijfskosten (huur, telefoon, auto etc.), mijn loon, diverse belastingen e.d. en dan houd ik een nettowinst over.

Stel nu dat ik een brochure maak, waarvoor ik een klant 9000 euro bereken, dan houd ik daar na betaling van drukker, fotograaf en andere toeleveranciers 3000 euro aan over. Wanneer de klant mij niet kan betalen (failliet etc.), dan willen mijn gezamenlijke toeleverancier wel hun 6000 euro hebben. Dat betekent dat ik nog 2 brochures moet maken voor 9000 euro; dan houd ik immers 2 x 3000 euro over. Na het maken van die drie brochures heb ik nog helemaal niets verdiend. Pas bij het maken van een vierde brochure zit ik weer in de situatie waarin ik in het begin zat en heb ik de 3000 euro brutowinst die ik zou hebben als mijn eerste klant zou hebben betaald.

Stel nu dat ik iemand 3000 euro leen, die mij dat niet terugbetaald. Dan moet ik een brochure maken voor 9000 euro om het verlies te compenseren. Om geld dat ik dus al had, maar uitleende, terug te verdienen. Ik ben na het maken van  één brochure, of het genereren van 9000 euro omzet op een andere manier, terug op het punt waar ik stond voordat ik 3000 euro uitleende.

De Griekse tragedie

De Griekse overheid leent 120 miljard euro. Ze hebben volgens het Internationaal Monetair Fonds (IMF) een Bruto Nationaal Inkomen (BNI) van 306 miljard. BNI is alle gezamenlijke inkomsten van de bewoners, zowel in het land zelf als daarbuiten. Met zijn 10 miljoenen hebben de Grieken dus een inkomen van 306 miljard. Stel dat de Griekse overheid daar 33% van binnenkrijgt door belastingen, verkeersboetes en dergelijke dan heeft zij 102 miljard overheidsinkomsten. Daarvan moet zij allerlei zaken betalen, zoals uitkeringen, onderhoud aan wegen, ambtenarensalarissen en dergelijke.

Als ze het goed doen houden ze geld over en kunnen ze de lening terugbetalen. De rente van circa 15 miljard per jaar over de lening laat ik gemakshalve buiten beschouwing. Stel dat ze 10 miljard per jaar overhouden, dan kunnen ze de  lening in 12 jaar terugbetalen.

De Griekse overheid heeft een oplopend tekort. In 2010 kwam er 106 miljard aan inkomsten binnen en hadden ze een uitgavebegroting van bijna 150 miljard. Griekenland is een klant/land die niet gaat/kan betalen. Die 120 miljard zijn we dus kwijt. Als we er van uitgaan dat alle leninggevende landen 33% van het BNI als overheidsinkomsten ontvangen, dan moeten de inwoners van de betreffende landen gezamenlijk drie keer 120 miljard extra inkomsten genereren om het verlies te compenseren.

Natuurlijk is het een simpele berekening, maar daarom niet minder juist dan alle argumenten die door onze volksvertegenwoordigers (betaald uit overheidsgeld) worden gebruikt om de Grieken die 120 miljard te lenen.

Print deze pagina
Bovenstaand bericht is geschreven op 7 september 2011 door in de categorie 2011, Algemeen

Vorige en volgende berichten

« Ouder: Nieuwer: »

Een willekeurig bericht

Ik schrijf op deze site over allerlei onderwerpen. Soms is het heel persoonlijk, soms vooral informatief of beschouwend. Hieronder een willekeurig bericht uit ruim 2000 berichten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*

code